|
ZIMBABWE - BOTSWANA

Van 30 juli tot 22 augustus 1999 zijn wij met
Afriesj naar Zimbabwe en Botswana geweest. Onze groep bestond uit 17 reizigers,
een reisleidster en een chauffeur. We reisden daar met de eigen truck van Afriesj.
In de truck zijn tenten en kookgerei aanwezig.
Tijdens de reis wordt er verschillende keren zelf gekookt op een kampvuur.

Meestal was dat goed te eten, maar gelukkig is uit eten in Zimbabwe en Botswana ook niet duur.

De reis begon in Harare de hoofdstad van Zimbabwe. Vandaar naar de Great Zimbabwe Ruins,
een complex van ruines van een koninklijke nederzetting uit 1200-1600.

Vervolgens door naar Bulawayo, de tweede stad van Zimbabwe. Vlakbij deze stad is het
Matopos Nationale Park. Bekend om zijn rotsformaties , de witte neushoorns in het
wildpark en het graf van Cecil Rhodes.


Bij Francistown zijn we Botswana ingereden. Na het geld wisselen bij een bank doorgereden
naar de zoutvlakte bij Nata. De tenten opgezet bij Nata Sanctuary en genoten van de
zonsondergang.
De volgende stop is Maun, de uitvalsbasis voor de Okavango Delta. De Okavango Delta loopt
in de woestijn uit en bereikt nooit de zee. Wij gaan de delta in met mokorro's. Dat zijn
uitgeholde boomstammen die door een 'pooler' met een stok worden voortgeduwd. Helaas zijn
niet alle mokoro's waterdicht. Maar dat mag de pret niet drukken. Na één keer gezonken te
zijn ruilen we nog drie keer van boomstam voordat we eindelijk kunnen doorvaren naar het
eiland waar we overnachten. Na het verblijf in de delta, vanuit Maun met open jeeps naar Moremi, een nationaal park
dat in het gebied van de delta ligt. We kamperen midden in het wildpark. Gelukkig brandt
er de hele nacht een groot kampvuur, want het stikt er van de leeuwen. Maar die hebben
net een zebra gevangen dus wij zitten goed.


Na Moremi gaan we via Maun en Nata naar Chobe. Daar kamperen we aan de Chobe rivier,
waarop we bij zonsondergang een cruise maken. Rond die tijd verzamelt al het wild zich
bij de rivier om water te drinken.

Tijd om terug te gaan naar Zimbabwe. Vlak over de grens ligt Vic Falls. De beroemde
Victoria Watervallen hebben er voor gezorgd dat er een enorme toeristenindustrie is
ontstaan. Je kunt hier werkelijk alles doen als je maar genoeg US $ mee hebt. Een
kleine greep uit de activiteiten : Bunji-jump van een 110 m hoge brug over de Zambezi
rivier, raften op de Zambezi, ultra-light vliegen, een helicoptervlucht boven de
watervallen en wat je nog meer kunt bedenken. Erg leuk vonden wij de 'nightdrive'
waarbij je in het donker in een open jeep met een zoeklicht naar wild gaat zoeken.
En als je alleen de watervallen wil bekijken is het ook mogelijk om te voet
het Nationale Park te bezoeken. Ook aan de kant van Zambia zijn de watervallen prachtig!
Wij kampeerden op de stadscamping waar we op een avond bezoek kregen van twee enorme
olifanten die op het afval van de toeristen afkwamen. Op die manier komen ze makkelijk
aan voedsel.
Na Vic Falls reden we naar het Kariba meer. Dit enorme meer is ontstaan toen er een grote
stuwdam in de Zambezi is gelegd. Twee nachten slapen we op een boot waarmee we naar Kariba
varen. Na nog even bij de stuwdam te hebben gekeken gaan we terug naar Harare, waar we de
laatste nacht in een hotel slapen om bij te komen.
|
|
|