|

Het verhaal over een 4 weekse reis met
Baobab naar het
zuiden van Argentinië en Chili.
De hele dag valt er al regen en ik ben blij als het eindelijk tijd is om naar Schiphol te gaan.Het avontuur kan beginnen. We ontmoeten onze
medereizigers bij de balie van Lufthansa. Een medewerker van Baobab ziet er op toe dat we inchecken en verdwijnen achter de douane. We vliegen
we eerst naar Frankfurt. Daar moeten we een heel eind lopen voordat we in de andere terminal zijn van waar ons vliegtuig via Buenos Aires naar
Santiago vertrekt. Het is al midder- nacht geweest als er eten wordt geserveert.
Daarna is het proberen om wat te slapen. Dat is altijd moeilijk in de te krappe economy class. Boven Brazilië komt er weer
wat leven in het vliegtuig, het duurt dan niet lang meer voordat we in Buenos Aires een tussenlanding maken. Gelukkig mogen we na 13 uur zitten
even onze benen strekken op het vliegveld. Ruim een uur later gaan we weer verder naar Santiago, waar we door de reisleidster Erna worden opgewacht.
Tenminste, dat hoort zo. Maar omdat we precies op tijd waren had ze ons nog niet verwacht. Al snel komt ze aanrennen.Met een busje worden we in een
half uur naar ons hotel gebracht. Daar vertelt Erna ons, onder het genot van een kopje koffie met koekjes, alles wat we moeten weten over de stad
of het hotel. Ook vertelt ze over de wandeling die morgen op het programma staat. Dat wordt zwaar, ruim 30 graden en veel berg op... We besluiten
morgen op eigen gelegenheid de stad te verkennen.
We ontbijten wel met de groep die gaat wandelen, dat betekent dat we veel te vroeg de stad in gaan. Er is nog niets open. We wachten in een parkje
aan de voet van Cerro San Cristobal tot de dierentuin open gaat. Om 10 uur is het dan zover. De dierentuin is modern en leuk om te kijken. Maar
als het er erg druk wordt besluiten we toch verder te gaan. We nemen het ernaast gelegen kabeltreintje naar de top van Cerro San Cristobal. Op
de top staat een beeld van Maria en je hebt er een prachtig uitzicht over de stad. Vanaf deze hoge positie zien we ook het kerkhof liggen en we
besluiten om er heen te lopen en het monument voor Salvador Allende op te zoeken. Het is eigenlijk te warm voor een zoektocht op het kerkhof,
maar we vinden wat we zoeken en zien nog meer interressante dingen zoals een gebouw van 6 verdiepingen waar de italiaanse gemeenschap wordt bijgezet.


De volgende dag gaan we na het ontbijt naar het Moneda paleis. Daar is elke 48 uur wisseling van de wacht. We weten niet precies wat we moeten
verwachten en dat is maar goed ook. Er komt een militaire band die een aantal Glen Miller-achtige nummers speelt. Verder lopen er wat militairen
heen en weer te paraderen. Het geheel duurt bijna 3 kwartier. Grappig om een keer gezien te hebben maar een tweede keer hoeft niet.

We besluiten de Cerro St.Lucia te beklimmen. Een rots vlak bij het centrum, volgebouwd met zinloze maar mooie bouwwerken. Op een leuk terrasje
nemen we wat te drinken terwijl we genieten van het uitzicht. Om exact twaalf uur gaat er een kanonschot af. Dat is zo oorverdovend dat de toeristen
verschrikt opspringen. De man van het stalletje lacht vrolijk. Langzaam aan gaan we weer terug richting hotel.Onderweg nog langs een vismarkt en
twee musea. Het eerste museum gaat over zuid-amerikaanse kunst van vroeger. Leuk museum, maar er is wel erg veel uit landen die veel noordelijker
liggen. Het tweede museum is een kerk met daaraan vast een klooster. We zijn toch nog te vroeg terug in het hotel, dus nog even tijd voor een
terrasje. De nachttrein naar Temuco vertrekt pas om 8 uur.
Vol verwachting gaan we naar het station. De kerstboom voor het station brengt ons in de juiste stemming.
Maar als de trein voor komt rijden wordt die wel wat minder. De trein is niet echt nieuw, zeg maar oud. Van binnen valt het gelukkig wel mee.
Als wij in de restauratie wagen zitten te eten wordt de coupe omgebouwd tot slaapwagen. Na het eten blijven we nog even naborrelen met Wout en Ydo.
Na het zoveelste station wordt het de ober te gortig en hij stuurt ons naar bed.

De zon komt op ( achter de wolken ! ). Terwijl ik uit het raam kijk stoppen we weer bij een station. Er wordt veel uitgeladen, o.a. plastic ballen en
fietsen in kartonnen dozen. Kruiers rennen om het hardst om maar zoveel mogelijk te kunnen verdienen. Als de trein weer langzaam op gang komt hoor
ik dat anderen uit de groep ook wakker worden. Buiten begint het te regenen....
De banken worden weer opgeklapt en we kunnen nog even van het uitzicht genieten voordat we in Temuco aankomen. Daar moeten we eerst een
stukje lopen naar het busstation. Daar kunnen we onze tassen afgeven , zodat we zonder gesleep met de bagage kunnen gaan ontbijten. Het regent
inmiddels zo hard dat het op de door plastic overdekte markt ook niet meer droog is en we besluiten dus maar in een restaurantje te gaan ontbijten.
Ons spaans is nog niet zo goed dus komen we niet verder dan koffie met een warm broodje kaas. Een tweede bakje koffie lukt gelukkig ook nog. De
bus naar Pucon vertrekt precies op tijd. Wat slaperig proberen we zoveel mogelijk van de omgeving te zien. Het is inmiddels droog geworden en we
zien de vulkaan Villarica goed. Het hotel in Pucon is vrolijk gekleurd en de kamers hebben allemaal namen van bomen in plaats van nummers.
Sommige namen zijn wel makkelijk , maar het spaans voor olijfboom is voor mij toch moeilijk te onthouden. Het restaurant serveert alleen maar
vegetarische pot , dus wij besluiten ergens anders te gaan eten. Het wordt pizza. En al waarschuwt de ober een aantal keren dat de pizza's
erg groot zijn we bestellen toch met zijn vieren vier pizza's. De ober had gelijk! Het was gewoon te veel, maar wel erg lekker. Terug bij het
hotel besluiten we nog een biertje te pakken voordat we gaan slapen.
Het ontbijt hebben we gisteren al besteld. Het is afwachten wat een 'chileno' zal zijn. Nou, het is geweldig! Heerlijk zelf gebakken bruin brood
met kaas, jam, avocado en honing in prachtige houten bakjes. Sjraar heeft gisteren niet besteld en krijgt dus niks. Dat kan Erna niet aanzien en
ze regelt nog een broodje kaas voor hem.
Om half negen rijdt de bus voor. We gaan wandelen in Huerquehue National Park.
Een prachtige wandeling, nadat we flink hebben geklommen komen we langs drie mooie meren.
Erna blijkt zo snel te lopen dat ze pijlen moet maken
voor het grootste gedeelte van de groep. Helaas lopen er ook een paar grapjassen in het park die een belangrijke pijl hebben omgedraaid. De
laatsten gaan op die manier de verkeerde kant op. Na de lunch vinden we elkaar gelukkig toch weer. Vervolgens gaan we allemaal in eigen tempo
weer naar beneden. Berg af kan ik de kopgroep aardig bijhouden en ik hoor dan ook bij de eerste groep die bier besteld bij de refugio. We wachten
totdat iedereen bij de refugio aankomt. Maar Ries en Marianne blijken te zijn doorgelopen naar de plek waar de bus ons op komt halen. We hebben
net besloten toch maar te gaan lopen als het busje ons komt zoeken. Scheelt toch mooi een flinke klim.
Vanavond besluiten we met vijf man vlees te gaan eten. De ober ( Hector) spreekt gelukkig alleen spaans en dat is wat moeilijk als hij vraagt hoe
het vlees moet worden gebakken. 'Medio' begrijpen we wel, maar wat is doorbakken? Met veel gebaren en wat geluid komen er toch uit. Cerveza grande
(groot bier), gaat ook aardig en zo wordt het toch een leuke avond.
Om kwart voor zevenen zitten we al aan het ontbijt en allemaal voor
niks want door het bewolkte weer kan de vulkaanbeklimming niet door gaan. Een gedeelte van de groep besluit dan maar te gaan paardrijden.
De tocht is goed te doen, ook als je geen ervaring met paarden hebt. Ze weten zelf de weg door het prachtige park.
Het duurt ongeveer vijf uur voordat je weer terug bent in Pucon. De achterblijvers hebben wat gewandeld langs het strand en gewoon wat geluierd.
Ydo is ziek en is op bed gaan liggen. Wout blijkt tijdens het paardrijden zijn horloge te zijn verloren. We gaan direkt op pad om een nieuwe te
kopen. Bij de viswinkel vinden we het perfekte exemplaar, niet te duur en niet te opzichtig. Even langs de pinautomaat en dan kunnen we bier
halen in de supermarkt. Het is inmiddels zo lekker weer geworden dat we op het terras kunnen genieten van de bijna halve liters Cristal. We
vertrekken als laatste om een restaurant te gaan zoeken. Pucon mag dan wel heel toeristisch zijn maar veel bijzondere restaurants zijn
er niet open. We belanden dan ook weer bij Hector. Al zitten we dan niet in zijn wijk, hij komt wel even gedag zeggen. Terug bij het hostel
betalen we alvast voor het ontbijt en nemen nog een biertje mee voor in de tuin. Wat is het leven toch geweldig. Het is alweer zondag als we
naar bed gaan.
Het is een zonnige zondag , de vulkaan is heel goed zichtbaar. Maar helaas wij vertrekken. De bus naar Valdivia is erg
warm en het is dan ook moeilijk om niet weg te doezelen. Gelukkig duurt het niet lang voordat we in Valdivia aan komen. Vanaf het busstation
is het een eindje lopen naar het hotel. De koffers worden met twee taxi's vervoerd. Het hotel is tussen knus en kitsch. Alles is nogal popperig
ingericht.
De kanten randjes van het wc-bril dekje zijn nog het minst erg. Er zijn heel veel katten die kennelijk allemaal op de
veranda hun behoefte doen, want het stinkt daar vreselijk. Van de oude herdershond, generaal Patten, heb je geen last.
Het hotel is eigenlijk een oud herenhuis met prachtige hoge kamers. In één van die kamers krijgen we een bakje koffie terwijl
Erna vertelt wat er hier te doen valt. Na het praatje gaan we een stukje wandelen, langs de vismarkt waar we toch wel vreemde dingen zien liggen.
Het is iets wat gedroogd is, maar wat? We lopen verder langs de boulevard. Maar daar is ook niet veel te beleven, dus terug naar het centrum.
Op het plein is een ijszaak die heel goede zaken doet. Het is een prachtig gezicht om de mensen naar buiten te zien komen met hun enorme ijstoorntjes,
die sneller smelten dan ze kunnen eten. Wij hebben geen zin om in de rij te staan voor een ijsje en nemen genoegen met een blikje fris. Aan de
andere kant van het plein is er een kindershow.
Verder gebeurt er niet veel in Valdivia, dus gaan we terug naar onze kamer voor een frisse douche.
`sAvonds gaan we op zoek naar een chinees, maar de één is verhuist en de ander is gesloten. Zo komen we in een kelder restaurant waar
nog meer Baobabbers zitten te eten. We drinken een plaatselijk bier: Kunstmann, das gute bier ! Nou vraag ik je.... zijn we nou in Chili of in
Duitsland? Alhoewel er nadat we Santiago hebben verlaten heel veel duitse trekjes te zien zijn geweest, zoals bijvoorbeeld vakwerkhuizen
en 'küchen', spreekt er toch niemand duits. Alles wat je hoort is spaans en dan opeens zo'n slogan bij het plaatselijk bier......
Het ontbijt is hier geweldig ! Het begint met een enorme punt appeltaart. Omdat de taartpunt op je
bordje staat moet hij eerst op voordat je aan het brood kunt beginnen. Naast de enorme mokken thee of koffie krijg je ook een glas jus d'orange.
Er komt een klein busje dat ons naar een mooie kustweg brengt. We laten ons ergens afzetten en lopen terug naar het laatste plaatsje. Af en toe
gaan we langs de rotsen naar beneden om een stukje over het strand te lopen. Soms klimmen we over de rotsen en dan gaan we weer naar boven om
een stukje de weg te volgen. Het is een prachtige omgeving en we genieten dan ook volop. Als het eb is zien we een aantal mensen bezig om
zeewier te snijden. Even verderop ligt het te drogen. Het wordt ons nu duidelijk wat we gisteren op de markt hebben zien liggen.
Onze wandeling eindigt in een klein plaatsje in een visrestaurant waar we lunchen. Het eten is er goed, misschien nog wel beter dan goed, maar
de muziek... Duitse hoempapa muziek is nou niet bepaald wat wij willen horen. Met een lijnbusje gaan we weer terug naar Valdivia.

Terug in Valdivia langs het postkantoor om de kaarten te posten en toen op kerstbomen jacht. Ze hebben hier alleen maar
foute kerstbomen van plastic en erg onecht. We vinden een betaalbare van 70 cm en gaan op zoek naar versiering. De paarse slinger kunnen we niet
laten hangen, we hebben nu al zin in de kerstdagen en het duurt nog een week... Terug in het hotel even geprobeerd hoe hij er opgetuigd uitziet,
nou in één woord: GEWELDIG! De kitsch van de boom en het hotel passen wel wat bij elkaar. Hadden we misschien toch nog van die
knipperlichtjes erbij moeten kopen? Het gekke is dat er hier helemaal geen witte lichtjes te koop zijn, laat staan lichtjes die niet knipperen.
Alweer zo'n heerlijk ontbijt, vandaag begint het met een punt aardbeienvlaai. De taxi's voor de koffers zijn te vroeg, geheel tegen de
plaatselijke gewoonte in. Snel de laatste koffie naar binnen en naar beneden om de koffers te halen. Achteraf hadden we ons niet zo hoeven
haasten want de bus naar Puerto Montt komt bijna een half uur te laat. Volgens Erna gebeurt dat nooit in Chili, het openbaar vervoer
is altijd op tijd.... Iedereen en alles komt altijd te laat behalve de lijndienst. Dat geloven we na deze ochtend dus niet meer.
We hebben plaatsen voorin de bus zo kunnen we de chauffeur in de gaten houden. Het is een saaie rit. We komen langs de Osnorno vulkaan en dat
is dan ook gelijk het enige hoogtepunt. Daarom zitten we wat te zeuren in de bus. In de folder van Baobab staat dat het hotel uitzicht heeft
op de haven.....dat zal wel, als je uit het raam hangt zeker. Erna vraagt naar onze reisgids om te zien of het hotel er in genoemd staat, want
het is een ander hotel, een nieuw hotel.
We verwachten er steeds minder van , maar als we op onze kamer komen kunnen we onze ogen niet geloven. We hebben inderdaad zeezicht.
Wout en Ydo in de kamer naast ons ook, maar Joop moet het doen met een raam in het dak, hij is dan ook erg jaloers. Een vrije middag in Puerto Montt.
Na het kopen van een buskaartje voor morgen naar het eiland Chiloë, lopen we wat door de winkelstraat. We komen uit bij een plein met een
enige kerststal. Er is ook een houten kerk, maar die kan je door de bomen niet fotograferen. Dus lopen we naar de haven van Angelmo. Het is eb
en er liggen veel boten droog. De vissers wachten tot het water hoger wordt en ze kunnen uitvaren. Het is lekker in het zonnetje en we genieten
van de bedrijvigheid. Er is o.a. een pontje dat roeiend mensen naar de overkant brengt. Verder is het er erg toeristisch,erg veel stalletjes waar
je handarbeid werkstukken kunt kopen. 'sAvonds met Joop en Wout een paar veel te grote hamburgers gegeten in de OK Corral. Veel bier nodig om het
weg te spoelen.
Vandaag gaan we op eigen gelegenheid naar het eiland Chiloë. De kaartjes voor de bus van negen uur hebben we gisteren al gehaald, dus we hoeven
ons niet te haasten. Na het ontbijt gaan we nog even naar de kamer. Terwijl ik uit het open raam naar buiten sta te kijken, rijdt er een
vrachtwagen weg. Het hele gebouw schudt en trilt. Ik vraag me af hoe dat kan bij zo'n nieuw gebouw, maar ja we zijn nou eenmaal niet thuis. Tom
komt van het toilet en vraagt wat was dat? Het water klotste in de pot.... Oh, een vrachtwagen.. Wout komt met hetzelfde verhaal van zijn toilet.
Pas als we beneden komen horen we dat er een aardbeving was. De eigenaar schat zo 3 op de schaal van Richter. Dat gebeurt in dit vulkanische
gebied wel vaker.

In de bus van Cruz del Sur zitten zeven Baobabbers. Drie anderen blijken met een andere maatschappij een uur eerder te
zijn vertrokken. De bus gaat op een veerpont, daar kunnen we even uitstappen om van het uitzicht te genieten. We speuren naar dolfijnen en
zeeleeuwen, maar zien alleen pelikanen, misschien op de terugweg. Via Ancud rijdt de bus naar Castro, hoofdstad van Chiloë.
De kathedraal op de Plaza de Armas is door zijn oranje en paarse kleur erg opvallend. De houten kathedraal is in 1906 gebouwd. Maar de huizen
die nu gebouwd worden zijn ook van hout en hebben vaak mooie kleuren. Aan de waterkant zijn de huizen op houten palen gebouwd. Het is niet
makkelijk om dat te zien, maar via de rioolbuis komen we op het zand. Het is een vies zooitje en zeker geen strandje waar je naar toe zou willen.
Na het maken van de foto's gaan we snel weer terug naar de weg. In een restaurantje halen we nog even een broodje en een glas fris en dan naar het
busstation voor de bus naar Ancud. Op het busstation ontmoeten we Kenzo, een duitser die we kennen uit Pucon. Hij is de dag dat wij vertrokken
naar de top van de vulkaan geweest. De verhalen die hij vertelt zijn geweldig, maar wij hebben
dat dus mooi gemist. Gelukkig komt de bus er aan en hoeven we het niet verder aan te horen. Ancud is 88 km noordelijker en het duurt dan ook even
voordat we daar aankomen.

In Ancud zien we weer heel veel houten huizen en het begint bijna normaal te worden. Maar de eenvoud
van de witte houten kerk maakt toch wel indruk op ons. Beneden ons ligt de haven en we besluiten er even te gaan kijken.

De kleurige bootjes doen
erg denken aan de middellands zee. Maar de schaaldieren die van boord worden geladen komen ons absoluut onbekend voor. Een visser maakt er
één open en Tom proeft het glibberige goedje. Volgens de visser moet je eigenlijk citroen bij hebben, maar Tom vindt het zo ook al
lekker.
De bus van half zeven terug naar Puerto Montt. Als we in de
buurt van de veerpont komen is het daar wel heel erg druk. Maar de bus mag eerst en rijdt de hele rij voorbij. Onderweg naar de overkant zien we
inderdaad en paar zeeleeuwen dit keer. We zijn best moe als we in Puerto Montt aankomen en besluiten niet lang te zoeken naar een restaurant.
De OK Corral is best bevallen, alleen nu een beetje kleiner broodje. Het bord pica-pica van Wout is dus ook weer veel te veel, patat, worst,
kaas, augurk, olijven en veel mayonaise.... Terug bij het hotel nog een blikje bier en dan naar bed.
Het is 21 december, de
zomer is begonnen. Maar aan het weer kun je dat niet merken. Het is zwaar bewolkt. Dat is erg jammer omdat de merentocht die we vandaag maken juist bekend
staat om de mooie uitzichten. We worden met de bus opgehaald bij het hotel. De hele tocht is een toeristische tocht langs veel hoogtepunten.
Allereerst stoppen we in een nationaal park waar we ruim de tijd krijgen om naar de waterval te wandelen en een kort rondje door het regenwoud
te maken. De gids blijft volhouden dat het straks nog kan opklaren zodat we de vulkaan zien liggen. Wij zijn niet zo optimistisch. De bus rijdt
verder naar de haven. Daar wacht de eerste boot op ons. De tocht is erg mooi, en alhoewel we de vulkaan niet echt zien liggen zijn
er toch veel minder wolken. De boot stopt als er iets moois te zien is zoals een waterval bijvoorbeeld. Iedereen gaat dan naar die kant van de
boot om een foto te maken. Best grappig. Na 2 uur bereiken we de overkant van het meer. Daar hebben we de tijd om te lunchen in een hotel. Een bus brengt ons dan naar het
volgende meer. Maar eerst gaan we bij de Chileense grenspost een stempel in ons paspoort halen. Dan rijden we door een stuk niemandsland over
de Andes. Naar een meer aan de andere kant van de berg. Daar is het douanekantoor van de Argentijnen. De gids levert een lijst in met onze namen.
Vervolgens moeten we allemaal in die volgorde in de rij gaan staan. Daarna gaat het gelukkig vrij snel en mogen we allemaal het land binnen.
De boottocht is maar kort en we krijgen uitleg van een andere (argentijnse) gids. Nog een bus en weer een boot over een prachtig meer omringd
door besneeuwde bergtoppen. De dag begint al aardig te vorderen. Een laatste bus brengt ons naar San Carlos de Bariloche.
In hostel Posada del
Sol hadden ze ons nog niet verwacht. Normaal komt de tocht zeker twee uur later aan. De eigenaar zoekt snel wat sleutels bij elkaar.
Erna begint met uitdelen. Tom krijgt een sleutel en de eigenaar grijpt in. Nee, die kamer heeft een twee persoonsbed! Tom staat naast Ydo en legt
zijn arm om Ydo's schouder. Erna zegt dat dat toch moet kunnen, we zijn toch gelijk? De eigenaar wordt vuurrood en protesteert. Maar als hem
duidelijk wordt dat het een grapje is en dat Tom met mij is getrouwd is het goed. De kamer is fantastisch. We kijken uit op het meer. Tijd om de
plaats te gaan verkennen. Alweer is alles erg zwitsers. De specialiteit van Bariloche is chocola en er zijn dan ook verschillende
chocolade-winkels waar je een excursie zou kunnen houden. Het is weer een erg toeristische plaats. Maar het seizoen is hier eigenlijk in Augustus,
de wintersport. We gaan eten bij een italiaan en het valt ons tot nog toe mee hoe duur Argentinië is.
Lees hier verder.
|
|
|